Voor bouwlawaai kunnen door de gemeente voorschriften worden opgesteld om de hinder en de kans op schade te voorkomen dan wel zoveel mogelijk te beperken. Bij de aanvraag van de bouwvergunning dient direct te worden bepaald of bouwlawaai voor hinder kan zorgen. Dit kan door de aanvrager (de bouwer) of door de vergunningverlener (de gemeente) worden gedaan.
Onze advisering Cauberg-Huygen kan hierbij een adviserende rol spelen. Er bestaan verder wettelijke mogelijkheden om te controleren of een bouwer zich aan de voorschriften houdt en er kan worden ingegrepen als niet aan de regels wordt voldaan.
Wettelijke mogelijkheden worden gegeven door de:
Algemene Plaatselijke Verordening (APV) waarbij grenzen aan het geluid worden gesteld op basis van de Circulaire Bouwlawaai.
Gemeentelijke bouwverordening waarbij grenzen aan het geluid worden gesteld op basis van de Circulaire Bouwlawaai.
Maatwerk Het is mogelijk dat de bouwwerkzaamheden zoveel geluid veroorzaken dat niet voldaan kan worden aan de beoogde geluidvoorschriften. In dat geval kan door de gemeente een ontheffing worden verleend.
Het verlenen van deze ontheffing dient gebaseerd te zijn op een goed onderbouwde beslissing waarvoor een akoestisch onderzoek is uitgevoerd. Het geluidniveau, de duur van de hinder, het aantal gehinderde mensen en de kosten om het geluidniveau te verlagen, zijn ingrediënten die een belangrijke rol spelen in de beslissing. Zo kan door Cauberg-Huygen maatwerk geleverd worden voor iedere situatie.